Niemand wil bedrijfsgeheimen prijsgeven. Hoewel je concurrenten bent op de markt, kun je toch gegevens uitwisselen om beter en sneller te werken. Daarvoor hebben we in de maritieme sector het programma Digitaal samenwerken opgezet.
Digitaal samenwerken draait om heldere afspraken tussen organisaties in de maritieme sector over hoe zij data met elkaar delen; van ontwerp en bouw tot gebruik en onderhoud van een schip, schreven we in ons vorige artikel.
Waarom zou je eraan beginnen?
Een schip bouw je niet alleen. Werven, ontwerpbureaus, toeleveranciers en onderhoudspartijen werken allemaal met informatie die in verschillende fases opnieuw wordt ingevoerd, gecontroleerd, vertaald of overgetypt. Daar ontstaan vertragingen, fouten en extra kosten. Niet omdat er te weinig data is, maar omdat iedere organisatie eigen systemen, processen en afspraken gebruikt. In de praktijk worden daardoor nog vaak complete bestanden gedeeld of documenten opnieuw opgevraagd, terwijl partijen meestal maar een deel van die informatie nodig hebben.
Winst
Tijdens een workshop in juni over de praktijksituatie bij leidingsystemen wordt gedeeld dat het draait om gecontroleerd beschikbaar stellen van precies die informatie die een andere partij nodig heeft: niet meer en niet minder.
Ellen Loeven van Conoship vertelt tijdens de workshop: “Wij maken het ontwerp en de stabiliteitsberekeningen. Voor de berekeningen hebben we alle data nodig. De uitkomsten van stabiliteitsberekeningen worden verwerkt in een stabiliteitsboek. Zo’n stabiliteitsboek moet fysiek aan boord aanwezig zijn. Het boek met de resultaten wordt zowel naar de werf/klant als het klassenbureau gestuurd voor feedback en keuring. Alleen het klassenbureau krijgt ons onderliggende model met de volledige berekeningen om ze te kunnen beoordelen. Zo houden we controle over ons intellectueel eigendom.”
Meer ruimte om te concurreren
"Als ik mijn data deel, geef ik mijn concurrent toch een kijkje in mijn keuken?" Het is een vraag die tijdens bijeenkomsten regelmatig op tafel komt. Niet alleen in onze sector. Dat zien we ook bij de bouw, de topsector logistiek en de overheid die al werken met afsprakenstelsels. Zij hebben de spelregels voor gegevensuitwisseling vastgelegd: welke standaarden worden gebruikt, wie mag welke data gebruiken, onder welke voorwaarden en gedurende welke periode? Zo hoeven bedrijven niet telkens opnieuw juridische, organisatorische en technische afspraken uit te onderhandelen voordat zij veilig data kunnen uitwisselen.
Kun je elkaar vertrouwen?
In een afsprakenstelsel regel je ook hoe organisaties elkaar kunnen vertrouwen zonder met iedere partij maatwerkafspraken te maken: over governance, rechten, verantwoordelijkheden en standaarden. Het vertrouwen wordt als het ware vooraf georganiseerd. Vorige keer schreven we er al over met iDEAL. In de bouw worden inmiddels digitale diensten op basis van die afspraken geleverd. Niemand die het afsprakenstelsel ziet, maar iedereen profiteert ervan. Voor de maritieme sector geldt hetzelfde. Niet de data zelf wordt gestandaardiseerd, maar de manier waarop organisaties veilig kunnen samenwerken.
Waar houdt het op?
Ook intellectueel eigendom blijft daarbij beschermd. Bij het uitwisselen van digital twins kan bijvoorbeeld alleen de benodigde uitkomst beschikbaar worden gesteld, terwijl de onderliggende modellen en berekeningen eigendom blijven van de ontwikkelaar. Zo kan een leverancier aantonen dat een systeem voldoet, zonder zijn volledige ontwerp of rekenmethodiek prijs te geven.