De overslag in de haven van Rotterdam laat in het eerste kwartaal van 2026 een lichte daling van 0,7% zien ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar. De overslag bedroeg in de eerste drie maanden van dit jaar 103,0 miljoen ton tegenover 103,7 miljoen ton in het eerste kwartaal van 2025. De daling komt voornamelijk door minder overslag van kolen, agribulk, overig nat massagoed en stukgoed. De overslag van ijzererts en schroot, overig droog massagoed, ruwe olie, minerale olieproducten, LNG en containers (TEU) nam toe. De sluiting van de Straat van Hormuz heeft het wereldwijde energiesysteem ernstig verstoord. Rotterdam was voor 10% van de overslag van ruwe olie en 14% van de overslag van minerale olieproducten afhankelijk van landen in de Perzische golf. De effecten van de sluiting van de Straat van Hormuz op de overslag in Rotterdam zijn in de cijfers van het eerste kwartaal nog nauwelijks zichtbaar.
Boudewijn Siemons, CEO Havenbedrijf Rotterdam: “De overslag in de haven van Rotterdam bleef in het eerste kwartaal van 2026 grotendeels stabiel, ondanks de toenemende geopolitieke spanningen. De sluiting van de Straat van Hormuz onderstreept hoe kwetsbaar mondiale energiestromen zijn; de effecten hiervan zijn in het eerste kwartaal nog beperkt zichtbaar en zouden zich mogelijk in het tweede kwartaal verder kunnen aftekenen. Tegelijkertijd laat de groei in olie, olieproducten en containers zien dat Rotterdam veerkrachtig blijft als Europese energie‑ en logistieke hub.”
Droog massagoed
In het eerste kwartaal is de overslag van het segment droog massagoed met 4,3% afgenomen. De grootste daling, van 20,9%, zat in de overslag van agribulk. Deze terugval is grotendeels een normalisatie, doordat vorig jaar tijdelijk extra volumes via Rotterdam werden verscheept. De kolenoverslag daalde met 9,8% ten opzichte van het eerste kwartaal 2025. Dit kwam hoofdzakelijk door een afname van de overslag van energiekolen na de uitzonderlijk hoge productie in 2025. In het eerste kwartaal van 2026 keerde de productie terug naar het gebruikelijke niveau. De overslag van ijzererts en schroot nam met 5,3% toe ten opzichte van vorig jaar. Deze groei sluit aan bij de lichte opleving van de Duitse staalproductie in het eerste kwartaal. De Duitse elektrostaalproductie nam begin 2026 met 2,5% toe. De schrootexport via Rotterdam lag daarbij op een iets lager niveau. Ook de overslag van overig droog massagoed liet een stijging zien en lag met 4,6% boven het niveau van 2025. Deze groei werd veroorzaakt door een hogere vraag naar bouw en industriële grondstoffen.
Nat massagoed
De overslag van nat massagoed is met 2,2% gestegen in de eerste drie maanden van dit jaar. De overslag van ruwe olie nam met 1,7% toe tot 25,2 miljoen ton. De raffinagemarges waren in januari en februari vergelijkbaar met die in 2025. In maart stegen ze fors na de prijsstijgingen van ruwe olie en olieproducten door de blokkade van de Straat van Hormuz eind februari. De overslag van minerale olieproducten (benzine, diesel, kerosine, etc.) ligt 10,3% hoger dan in 2025. Opvallend is dat de export van olieproducten steeg en de import daalde. Mogelijke verklaring is dat de meeste olieproducten net als in 2025 in backwardation waren, wat geen stimulans voor opslag geeft. Ook is er meer gasolie/diesel naar Spanje en Gibraltar geëxporteerd. Mogelijk omdat de Middellandse Zee nu een Emission Control Area (ECA) is, waar het zwavelgehalte van bunkerbrandstof maximaal 0,1% mag zijn. LNG-overslag nam met 1,7% toe in vergelijking met 2025. De lage temperaturen in het begin van het jaar hebben tot meer verbruik geleid en daarom is er meer import nodig om de reserves te vullen. Overig nat massagoed is met 7,2% gedaald. De daling is vooral zichtbaar bij chemische producten en deels te verklaren doordat er in januari en februari minder geproduceerd is in Duitsland. Dit heeft altijd effect op de overslag in Rotterdam voor grondstoffen en eindproducten.
Containers en Breakbulk
De overslag van containers ligt in TEU 0,3% hoger dan in het eerste kwartaal van 2025. De volumes liggen lager dan verwacht door een update van het Terminal Operating Systeem bij één van de grote containerterminals. De overslag in tonnen daalde met -3,2%. Dit komt door de sterke toename van export van lege containers met 14%, met name naar Azië. Ook de hoeveelheid volle containers nam toe op de Azië-trade. Transhipment-volumes staan nog steeds onder druk en daalden met 26%. De verwachting is dat pas bij het gereed zijn van de uitbreidingen van de containerterminals, de transhipment volumes weer terugkomen. De stroom achterlandcontainers groeide fors met 11%. Deze groei komt met name uit Azië en Noord-Amerika door hogere callsizes en meer diensten.
De overslag in het segment Breakbulk liet een daling zien van 1,5%. Markten gerelateerd aan automotive, bouw en machinery staan nog steeds onder druk. Als gevolg hiervan is de overslag van aluminium en staal afgenomen. RoRo-volumes groeiden licht met 1,6% als gevolg van het lichte herstel van de economie in het Verenigd Koninkrijk.
Impact sluiting Straat van Hormuz
In totaal heeft 19 miljoen ton (4,4%) van de totale jaarlijkse overslag in Rotterdam betrekking op landen aan de Perzische Golf. Dit betreft voornamelijk ruwe olie uit Irak en Saoedi-Arabië, kerosine uit Koeweit, stookolie uit Saoedi-Arabië en gasolie/diesel uit Qatar. LNG uit Qatar komt niet naar Rotterdam. Ongeveer twee derde van de LNG die in Rotterdam wordt overgeslagen komt uit de Verenigde Staten.
Azië is afhankelijker van importen van ruwe olie en olieproducten uit het Midden-Oosten dan Europa. Door de blokkade van de Straat van Hormuz leidde dat meteen na het begin van de blokkade tot stijgende prijzen voor olieproducten in Azië. Deze stijging was door de grotere afhankelijkheid van het Midden-Oosten groter dan in Europa. Door de hogere prijzen in Azië hebben zeker vijf tankers, die onderweg waren naar Rotterdam, hun koers verlegd naar Azië. De gevolgen hiervan zullen bijdragen aan lagere inkomende stromen in het tweede kwartaal.
Ook de import van olieproducten uit het Midden-Oosten zal in het tweede kwartaal, gezien de vaartijd vanuit die regio, terug te zien zijn in de cijfers. Aangezien de raffinaderijen in Rotterdam volop draaien, kan dit leiden tot meer export.
Voor het containersegment is de impact van de sluiting van de Straat van Hormuz beperkt. Het directe containervolume van en naar het Midden-Oosten bedraagt 1,2% van het totale jaarlijkse volume. De indirecte effecten van de oorlog op het containersegment kunnen via economische neergang en dalende koopkracht een veel groter effect hebben.